Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

28 maart 2019

Oorlogsherinneringen van Ivonne Alenteyns (afl.17): de oorlogsjaren

LogoPaalinWO2Yvonne ging tijdens de oorlog naar school in de meisjesschool aan de Processiestraat in Tervant. Zij heeft nooit soep of levertraan van Winterhulp gekregen, maar kreeg regelmatig vitaminen in school. Af en toe liepen zij door de loopgrachten die de Belgische soldaten aan het kanaal achtergelaten hadden en speelden zij in de abri aan het Albertkanaal. Toen de Duitsers kwamen had het Belgisch leger ook de brug tot ontploffing gebracht, deze lag nu half in het water. De steunpilaren stonden er nog gedeeltelijk en enkele jonge waaghalzen kropen via de zwaar beschadigde constructie naar de andere kant van het kanaal.
Haar vader was lid van de Boerenwacht in Tervant. De boeren controleerden namelijk van 21 u tot 6 u ‘s morgens hun velden om diefstallen en beschadigingen van de gewassen te voorkomen.


Er was controle door rijkswacht en veldwachters op de molen, melk, boter en aardappelen en regelmatig moest er een rantsoen afgegeven worden. Wanneer een koe 2 kalveren op de wereld zette moest er 1 afgegeven worden. De boterton en afroommachine werden verzegeld. Tijdens de oogstperiode werd ook de graanschuif van de molen verzegeld, maar de zegel werd ‘s avonds verbroken en dan werd in het geheim koren van de boeren gemalen. ’s Morgens werd de zegel dan terug aangebracht. Niet iedereen had echter graan en vader kreeg van 2 jonggezellen van de Beverlose steenweg, Gret en Stinus Kenis, af en toe een zak graan die hij dan maalde voor de inwoners van Tervant die geen meel hadden. Moeder Alenteyns gaf ook regelmatig boterhammen mee aan haar neef wanneer die naar de mijn ging werken.
Yvonne en haar zussen gingen ook kolen rapen naast het kolenspoor tussen de Lossing aan het kanaal en de mijn van Beringen. De zak met kolen legden zij dan in de vork van hun fiets en via het vlot werd de kolenbuit thuisgebracht.
Yvonne en de ganse familie hadden het meest schrik van de overvliegende vliegtuigen en de bombardementen. Achter het huis lagen 2 putbuizen verstopt onder een houtmijt. Die gebruikten zij als abri tijdens de bombardementen. Zij voelden nog wel de luchtverplaatsing ten gevolge van de ontploffingen, maar waren toch goed beschermd tegen eventuele inslagen. Na een bombardement vonden zij de resten van een uitgebrande lichtgranaat op het dak van hun woning.
De V1 en V2 bommen hoorde moeder van ver aankomen en dan moest iedereen aan zich zo snel mogelijk in de abri verstoppen.
Op de foto de familie Alenteyns en twee soldaten uit de 'Vlaanders' tijdens de mobilisatie:
van links naar rechts boven:  moeder Thérèse Coenen,  Jeanne, een soldaat, de Poolse vriendin van Gerarda,  Gerarda zelf, nog een soldaat en vader Isidoor Alenteyns
onder:  Jef, Pauldine, Leon, Gerard en Ivonne zelf.

Alenteyns familie 1939

Laatst aangepast op 28 maart 2019