Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

7 juli 2018

Herinneringen (afl. 5) : Louis Vanbrabant

LogoPaalinWO2Louis was 16 jaar toen de oorlog uitbrak. Hij is tot 14 jaar naar school geweest, in drie gebouwen. Eerst ging hij naar de school in het oude gemeentehuis, dat afgebroken is ,dan naar de "gemeentezaal" aan het huidige oorlogsmonument en ten slotte vanaf 1936 in de nieuwe school, die er vandaag nog staat. (Het stuk grond waarop de lagere jongensschool gebouwd werd was geschonken door M. Vanderheyden, die op het "kastielke" woonde, het latere gemeentehuis van Paal).

Sommige “meesters” hebben in de oorlog gesympathiseerd met de Duitsers, o.a. meester Kat (Van Tilborgh) en meester Men (Theunis ). Daarnaast kreeg hij ook les van meester Iven.  Na de oorlog hebben sommigen gevangen gezeten en  zijn er verhuisd uit Paal.

Louis wist onmiddellijk dat de oorlog uitgebroken was tussen België en Duitsland: op vrijdag 10 mei 1940, tussen 6 en 7 uur ’s morgens, hoorde hij het lawaai van Duitse vliegtuigen die afkwamen en van het Belgisch afweergeschut dat opgesteld stond achter de Klitsberg. In de namiddag, tussen half drie en drie uur, kwamen opnieuw twee vliegtuigen overvliegen, maar ze vlogen heel laag, nog lager dan de Klitsberg, zodat de Belgische waarnemers de vliegtuigen niet zagen en de kanonniers niet konden schieten. Ze vlogen misschien maar 50 meter hoog, en voor de Klitsberg vlogen ze terug wat hoger en dan bombardeerden ze het Belgisch geschut: dat heeft hij zelf gezien. Ook het bombardement op het vliegveld van Schaffen, ’s morgens, heeft hij goed gehoord.

Op zaterdag kwam een Belgisch soldaat bij hen aan: hij liep door de gracht en hij eiste hun paard op, maar dat gaf pa in geen geval mee! De soldaat zei dat de Duitsers al in Zonhoven zaten. Daarop zei onze pa: dan zijn ze direct ook hier! Hij besliste om met zijn familie te vluchten. Ze laadden hun kar vol en ze vertrokken, tot in Kaggevinne. Daar bleven ze tot woensdag 15 mei. Toen was het ergste voorbij, allez, de Duitsers waren ook daar al.

Daarop beslisten ze om terug naar huis te gaan. Louis en zijn broer reden met de fiets voorop, over de Klitsberg, om te kijken hoe hun huis er uit zag. Hij wist dat er een korf met eieren in het kippenhok stond toen ze vertrokken, maar alles was weg, zowel de eieren als de korf; ook hun hennen waren ribbedebie. De korf vonden ze later terug bij een huis in de buurt, leeg. Vluchtelingen hadden de eieren daar gebakken en opgegeten!

Ze konden ook de stoof niet meer aansteken om te koken want er was geen gruis meer. De varkens waren losgelaten en liepen op het erf, maar ze waren er nog.

Op donderdag waren ze nog maar net thuis toen een aantal Duitsers, 10 of 11, langs kwam en haver opeiste. Ze kropen op de schelft en ze namen alle haver mee.

Op hun terugweg naar Paal had zijn pa de Duitsers zien stappen met een boerenpaard uit het dorp, dat hij kende. Daarom verstopte hij zijn eigen paard: hij deed het de haam aan en bracht het naar een dikke haag op de Klitsberg. Laat in de avond bracht hij het terug naar huis maar hij stalde het achter in de schuurwinkel, niet in de stal. Dat deed hij drie of vier dagen. Met het paard gingen ze werken in de hei bij War Ivens, de Diktap, want dat was zo afgelegen dat de Duitsers daar niet kwamen.

Dat was het begin van vier lange jaren van oorlog…oud gemeentehuis Paal

Louis Vanbrabant herinnert zich nog goed wat zijn pa hem ooit vertelde, het gebeurde in 1943.

Hij was naar de smid gegaan om een gereedschap te laten herstellen, en hij wachtte buiten wat tot het klaar was. Die smid woonde waar later het café van Rosse Ceunen kwam.

Zo zag hij vier mannen komen aanrijden met de fiets: hij kende er niemand van. De mannen zetten hun fiets tegen de kiosk tegenover het gemeentehuis (nu kebabzaak), ze keken nog eens rond en ze gingen binnen. Pa vond dat al raar, want het was al tegen de middag en waarschijnlijk was er niemand meer binnen van het personeel. Na een korte tijd kwamen ze terug naar buiten en ze reden in de richting van Beringen. Van uit het huis van meester Mem (NU: pizzeria Donatella) werd op hen geschoten en één van de mannen werd geraakt in zijn arm: hij schreeuwde van de pijn. Iemand van de mannen schoot terug met een revolver, zo rap ze konden reden ze verder maar ze draaiden in het straatje naar rechts. Pa dacht dat ze zo waarschijnlijk naar dokter Cerstelotte wilden rijden. Later hoorde pa dat ze verder gereden waren in de richting van Gestel.

 

Links het oude gemeentehuis van Paal,  waar ook klaslokalen gehuisvest waren, rechts de kiosk.

Wat die mannen daar kwamen doen, heeft pa nooit begrepen. Louis vond het verhaal zo speciaal, die schietpartij in Paal, dat hij het altijd onthouden heeft.

Hij vroeg ons zelfs of WIJ wisten wat er toen aan de hand was.

Weet U er misschien meer over? Vraag het eens aan  een bejaard familielid of een buur….

Laatst aangepast op 10 juli 2018