Ludo Laagland Studeerde aan het Sint-Jozefcollege te Beringen en vanaf 1937 aan de Normaalschool te Maasmechelen, waar hij het diploma van onderwijzer behaalde. Van 1942 tot 1944 gaf Ludo les in het oud-gemeentehuis midden in het dorp van Paal. Hij was er klastitularis van het eerste leerjaar. Hij was toen al, volgens zijn oud-leerlingen, gekend als een vlotte verteller en een uitstekend tekenaar op het bord.
Al vrij jong bleek de belangstelling voor het schilderen: "Ik zal zo'n tien à twaalf jaar geweest zijn toen ik die besmetting opliep, toen ik dat virus van tekenen en schilderen in mijn bloed kreeg" aldus de kunstenaar.
Aan het Hoger Instituut te Antwerpen schilderde hij naar levend model, maar toch mag men hem als een autodidact beschouwen. Hij liet zich vooral door de natuur inspireren. In 1949 maakte hij kennis met Broeder Max.
Schilderen werd zijn beroep. Hij bleef trouw aan zijn eerlijke en eenvoudige figuratieve stijl, ook al waagden steeds meer kunstenaars zich na de tweede wereldoorlog aan het abstracte of allerlei experimenten.
Ludo ondernam samen met Staf Beerten vele studiereizen naar o.a. Parijs, Spanje, Portugal, Italië, Griekenland, Joegoslavië,...
Kijken naar een werk van Ludo Laagland is genieten. Zoals zijn dochter Bea het schrijft: "Is het misschien de niet te stuiten drang om de schoonheid der dingen vast te houden, die mijn vader tot schilderen heeft aangezet? Op die manier verheft hij het alledaagse tot iets dat bewondering en respect afdwingt."
Ludo Laagland is naast Staf Beerten één van de weinige kunstschilders die er zijn beroep van maakte. Naast landschappen omvat zijn werk ook portretten, stillevens, naakten en religieuze onderwerpen. Volgens zijn dochter Bea stellen die landschappen heel vaak concrete plaatsen voor in het Hageland en de Kempen. Ze zijn in wezen allemaal hetzelfde, omdat haar vader telkens opnieuw "het" landschap waarmee hij verbonden is en waarvan hij houdt, wil uitbeelden. Volgens haar verwoordt Ludo het respect voor o.a. elke moeder telkens hij een moeder met kind schildert, of voor alle mensen die het mooie, harde verbond met de natuur hebben gesloten telkens hij een boer schildert. Een portret hoewel sterk gelijkend, is zeker geen fotografische weergave maar drukt volgens haar uit hoe haar vader de mens poseert zowel innerlijk als uiterlijk aanvoelt en ervaart. Ludo Laagland maakte veel portretten, dikwijls in opdracht, maar steeds uit liefde voor de kunst, o.a. van Stijn Streuvels, Ernest Claes, Gerard Walschap, Albert Servaes, Achiel Van Acker en vele anderen. Tot zijn religieuze werken behoren o.a. enkele kruiswegen, Christusportretten, Judaskus, Piëta, De verloren zoon, Vlucht naar Egypte enz. Ludo Laagland ontwierp ook glasramen o.a. voor de kapel van het Sint - Ursula ziekenhuis van Herk-de-stad en het college van Heusden. Later evolueerde zijn stijl naar een soberder, ingetogen vormentaal en kleurgeving volledig ontdaan van franjes.
Ludo laagland exposeerde vanaf 1944 individueel en nam deel aan diverse groepstentoonstellingen vanaf 1953. Vermelden wij o.a. "Kunst uit Belgisch Limburg" te Maastricht (1955) en "Naoorlogse Kunst in Limburg" te Hasselt (1957).
Werken van hem bevinden zich in particuliere verzamelingen in binnen- en buitenland: België, Duitsland, Italië, Denemarken, Nederland, Griekenland, USA en Oostenrijk. Verder zijn werken van hem aangekocht door de Belgische Staat en de Provincie Limburg.
Naast schilderen was Ludo ook een begenadigd schrijver en dichter. "Klavecimbel", "Een hand vol verzen", "Slechte Liekens", "De Regenboog", "Roeske" en "In Gods greep" zijn werken van Ludo.
Ludo Laagland kon als geen ander een idee vatten in een oneliner. Enkele voorbeelden om dit te illustreren kunnen hier niet ontbreken:
"God hoorde de vogels zingen, zag de Vlamingen schilderen en zei: zo is het goed"
"Kunst is als een kogel, hij treft je of hij treft je niet"
"De ware kunstenaars zijn zo zeldzaam, dat er tussen de artiesten haast geen te vinden zijn"
"Een schilder is als een varken. Hij is pas goed als hij dood is"
"Eenvoud en eeuwig beginnen met dezelfde letter"
"In de kunstwereld zijn er momenteel meer opscheppers dan scheppers"
In 1965 werd zijn zoon Hans geboren, één van onze beste portretschilders. In 1981 verscheen er een monografie "Ludo Laagland, een levensverhaal"
In 1993, naar aanleiding van zijn 70ste verjaardag, werd hij gehuldigd met een tentoonstelling in het Casino van Beringen. Ter gelegenheid van zijn 80ste verjaardag stelde hij samen met zijn zoon Hans tentoon in Zichem.
In 1996 werd Ludo getroffen door een hersenbloeding. Tot aan zijn dood in 2006 verbleef hij in een rolstoel.


