Samen met een paar buren die bij ons schuilden onder de kerk, snelden we onmiddellijk ter hulp. In de tuin van onze overbuur vonden we de verhakkelde lichamen van het echtpaar F. Camps - Schoofs en van hun zoontje. Ze waren per fiets op de vlucht en kwamen net op het fatale ogenblik ter plaatse voorbij.
Mijn oudste broer Leon en zijn naaste buur L. Theunis waren in de vooravond komen schuilen in onze kelder waar ze zich veilig waanden, maar nu levend opgesloten zaten onder een 3 meters hoge puinhoop.
Met de hulp van nog een 5 tal buren, werd in het stikdonker krampachtig gewerkt om met de blote hand het puin boven de kelder op te ruimen. Na een paar uur gelukten we erin de trapopening vrij te maken en beiden te bevrijden. Maar net op tijd, want minuten later ging de ganse puinhoop, de kelder incluis, in de vlammen op.
Mocht die bom de avond voordien zijn gevallen, dan had het een waar bloedbad veroorzaakt, want toen verbleven een 12 tal vluchtelingen van de overkant van het kanaal in onze woonkamer.
De kerk die boven ons hoofd ook in brand werd geschoten, brandde inmiddels ook uit.
Onze eerste zorg na die fatale bominslag, was het vinden van onderdak voor het ganse gezin. De solidariteit bij onze behulpzame buren was aangrijpend.
Totaal berooid werden we allen (10 personen) met open armen bij hen opgevangen.
Kunt u zich even inbeelden in welke situatie we waren verzeild? Zonder woonst, geen huisraad noch meubel, enkel de kleren en schoeisel wat we droegen op het ogenblik van de bominslag was nog ons enig bezit.
We hadden niets, totaal niets meer. Van dan af was het “handen uit de mouwen” bij het ruimen van puin voor een nieuwe woonst.
De iconische foto van de puinhoop na de bominslag in Tervant, 14 september 1944. Op de achtergrond de vernielde en uitgebrande oude en nieuwe kerk. Op de foto: René Claes, Leonard Vaes, Gerard Huysmans, Jef Pieters, Gerard Alenteyns, Blanca Pieters, Leonard Schroyen, Felix Beliën, Frans Pieters, Jef Schrayen, Felix Vanden Eynde
