Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

22 mei 2019

Kermis in de oorlogsjaren (afl.19): Fien Spek

LogoPaalinWO2Wie er altijd was op haast elke kermis, in oorlogs- én in vredestijd, was Fien Spek. Ze zag er een bazig vrouwmens uit, had  zwarte haren, droeg altijd een zwarte satijnen voorschoot en praatte met een rauwe stem, ze kon het heel goed uitleggen.
Fien woonde met haar gezin in een woonwagen, een ‘kiekas’. Toch was het altijd proper in haar villa ‘Trepkes Op’ en ondanks haar voorkomen had ze een hart van goud.
Haar echte naam was Joséphine Smets, op de wereld gekomen in St.-Truiden in 1902 en gestorven in 1970, in het hospitaal van Beringen Mijn. Ze trouwde met weduwnaar Charel Clymans, een oud-ijzermarchang, en zo kreeg ze er acht zonen gratis bij. Samen kochten ze nog twee dochters en een zoon.
Fien had niet veel plaats nodig op de kermis. Eerst verkocht ze ballonnen in allerlei kleuren en vormen. Ze had enkel een fles gas mee en een stok met een koord waar ze haar ballonnen aan vast maakte. Soms gaf ze al eens een ballon gratis weg aan een arm dutske.

Fien Spek met zoon Louis, schoondochter en kleinzoon
fienspek
Later had ze een spel om te gooien, veel plaats nam ze nooit in. Ze zette tien lege azijnflessen op de grond en dan verkocht ze vier houten draperieringen voor één frank. Dan lokte ze het volk: “De fles in de ring en de ring rond de fles en madam is gewonnen !” Als je de ring rond de flessenhals kon gooien kreeg je een prulletje als prijs.
Nog later had ze een kraam om blikjes om te gooien. Achter in de kraam stonden op een plank lege blikjes van Marie Thumas opgestapeld in piramidevorm die je moest proberen om te werpen met haar zelfgemaakte stoffen ballen.
Het kermisbloed zat ook in de kinderen van Fien. Ze stonden op de kermissen met schommel, vissersspel, paardenmolen, schietkraam, koordjetrekspel en snoep …
Dat Fien Spek een vrouw was die zichzelf wel wist te redden in deze harde wereld, bewijst de volgende anekdote. Toen koningin Elisabeth op 3 juni 1942 Tessenderlo kwam bezoeken na de ontploffing van de fabriek, stond Fien op de eerste rij en wist de koningin te ontmoeten. Hoe had ze in godsnaam dat klaargespeeld ?
Ze had haar eigen hoofd in een groot wit verband gedraaid, en hoewel ze geen verwondingen had, wist ze toch de aandacht van de koningin te trekken, die haar zowaar kwam troosten.
Fien was zo fier als een gieter. Je moet het lef maar hebben ! (foto's en tekst uit archief André Luyten)

FienSpekTessenderlo

Laatst aangepast op 22 mei 2019