Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

14 mei 2025

De opstellen van Jeanne Peremans: mei 1940, op de vlucht

14 mei 1940, de bevolking van Paal is massaal op de vlucht naar het oosten en het veilige Zuiden van Frankrijk. In Okselaar komt de familie Kimpen, net zoals Jeanne uit Brelaar, in een artilleriebombardement terecht. Vader en moeder Kimpen komen samen met vier van hun vijf kinderen om. Paalonline bracht in het verleden al het uitgebreide verhaal van deze tragedie: https://www.paalonline.be/cms55/paal-vroeger/paal-in-wo-2/item/4238-paal-in-wo2-het-drama-van-de-familie-kimpen-deel-1.
De maand mei begint lieflijk voor Jeanne Peremans: ze beschrijft de terugkeer van de zwaluwen en de Mariaverering in deze maand, maar ook haar familie ontsnapt niet aan het oorlogsgeweld. Tot 3 keer toe slaat de familie in de eerste oorlogsdagen op de vlucht, de derde keer tot in Zottegem, waar ze door de Duitsers voorbijgestoken worden zodat een terugkeer naar Paal voor de hand lag.

mei1940Welkom ! lieve zwaluwen

Samen met de lente, verwachtten we ook de lieve zwaluwen.
In dichte scharen komen ze aangevlogen. Ze vormen een driehoek. De oudste vliegt voorop en daarachter volgen een vijftigtal anderen. Eén vliegt in 't midden. De menschen zeggen: "Ze verbeelden 't oog van God dat altijd ziet."
Eens in 't dorp aangekomen rusten ze op de electricdraden en beginnen naarstig hun nestjes te bouwen onder de dakgoot en in de galmgaten van den toren der kerk. Ze pikken de stroospiertjes op, dragen ze het nest in denkende: "Hoe warmer, hoe beter."

Iedereen is opgewekt nu de zwaluwen weer terug zijn want ze brengen de warme dagen mee. Zie daarginder onder de dakgoot van ons huis is er één reeds klaar met zijn nestje. Zie hoe het lieve diertje nu opstijgt en zijn mooiste lied zingt voor den Almachtigen Schepper.
Welkom, leuke beestjes, gij verlustigt den mensch met uw gedartel en gekweel. Wees welkom in onze dorpjes.

 kapel

 aquarel van kapel in Brelaar door Leonie Kennes (aan haar ouderlijk huis op de hoek van de Schaffensestwg./Heerbosstraat, nu opgeruimd)

 De lieve mei

April vluchtte met zijn nog koude dagen van de wereld en de lieve Mei kwam ons begroeten. Deze maand brengt de schoone dagen mee met de jeugdige zomerzon. Ook de bloempjes houden van de Mei. Ze zijn blij afgeplukt te worden door de kinderhand om dan als jeugdige vinkjes hun schoonste lof te zingen voor de lieve Meikoningin. De vogeltjes schijnen het ook te begrijpen. Ze zetten zich neder op den tak der boom boven het kapelleken en zeggen Maria goeden dag. Ook wij moeten iets over hebben voor onze goede Moeder. We moeten Haar beeld versieren en alzoo vreugde schenken aan haar Moederhart. We zullen trachten deze maand goed door te brengen en veel tot haar te gaan, want 't is Zij die den vrede aan de volkeren moet schenken door de hand van Haar Zoon.
Koningin van den Vrede: b.v.o. (nvdr. : bid voor ons)

De Mariakapellekens in ons dorp

 't Is nu de schoone Meimaand, toegewijd aan onze H. Moeder Maria. Willen we eens een wandeling doen en alzoo eens een bezoek brengen aan onze Hemelsche Moeder. O, zie daar tegen dien boom hoe schoon het beeld van Maria versierd is. Twee kaarsen flikkeren en verlichten het donkere kapelleken. Het tweede kapelleken hangt tegen een staak. Welk mooie krans prijkt er boven op. De slingertjes ritselen dooreen bij het suizen van den wind. 't Is alsof men Maria zacht hoort zingen om het lieve Wicht in slaap te dutten.
Zie, daarachter staat een kapelleken in steen opgericht. 't Is overal netjes opgesmukt en geverfd. O.L.Vrouw draagt een wit kleed, met blauwe sleur en houdt Hare oogen en handen ten hemel gericht. Hoe schoon is dit alles. Kom laat ons een weinig van ons snoepgeld geven aan onze lieve Moeder.
Zie, hier hangt een kapelleken in een grooten, schoonen lindeboom. Dit is nog het schoonst van al degenen die we hebben opgemerkt. De bladeren der boom buigen allen naar O.L.Vrouw toe. Zouden ze het ook begrijpen en eerbied betoonen voor onze Moeder.
Lieve Mei gij zijt de schoonste maand van het jaar, gij brengt zooveel hulde aan onze Hemelsche Moeder, leer ons de godsvrucht toedragen tot de lieve Maagd Maria.
Lieve Moeder, bescherm ons Vaderland.

 Op de vlucht

Na Polen, Noorwegen en Nederland is ook België er toe gekomen zich over te leveren in de handen zijner vijanden.
Donderdag gingen we nog slapen aan niets denkende, en vrijdag morgen rond 9 uur hoorde men niets meer dan kanongebulder en het ronken van vreemde vliegtuigen. Rond 10 uur vernamen we dat het oorlog was. Seffens werden de soldaten van 16 tot 30 jaar opgeroepen om te gaan strijden voor het vaderland. Duizenden en duizenden dachten op dit oogenblik dat het misschien den laatsten keer was dat ze malkander nog zouden wederzien.

de vlucht
's Avonds maakten we ons gereed om vluchten te gaan. Zaterdag 's morgens gingen we weg. De kanonballen suisden langs onze hoofden maar toch hielden we ons sterk. We gingen tot in Schaffen. Na den middag gingen we terug naar huis.
Het was nog geen 5 uur of we waren verplicht opnieuw op te trekken. We gingen tot in Meldert. Daar bleven we vernachten. Den volgenden morgen trokken we onder het ratelen van machienegeweren naar Zelem, Zelk, Loksbergen tot Wanrode. Daar mochten we slapen in een stal.

's Anderendaags trokken we verder. Dag aan dag gingen we, men wist niet meer waar het O of W gelegen was.
Te Leuven viel een bom 30 m van ons af. De vensters der herberg vielen uit van den daver. Toen we verder dwaalden zagen we dat men de bom geworpen had op een hoeve.
Na acht dagen gaans waren we in Sottegem. Daar bleven we in een gesticht vernachten.

's Morgens was de stad doortrokken van de Duitschers. Al de huizen waren neergeschoten.
Na 4 dagen waren we thuis. Nog 6 maal hadden we onder de bommen gezeten. We maakten een goeden middag gereed. Of het smaakte hoeft men niet te vragen.

's Anderendaags gingen we eens rond het huis.

Een bom was gevallen langs den gevel. De vensters van 't huis waren uit en meer dan twintig scherven lagen in den hof.
We hebben veel doorstaan op deze 3 weeken.
Laten we God bidden dat al onze soldaten zouden mogen terugkomen en Hijons zoo spoedig mogelijk den vrede zou schenken.

Belgie op de vlucht

Laatst aangepast op 14 mei 2025