
De echte liefhebbers konden deze tripel van 7,5 % wel smaken, het Böetingske onderscheidde zich door de kruidige neus en de frisse afdronk. Geïnteresseerden konden via een steunkaart een 75cl versie
bemachtigen. De tripel werd speciaal voor deze dialectavond gebrouwen door hobby-brouwer Philip Duts, nog een echt ambachtelijk product dus. Het schitterende etiket werd ontworpen door Bernard Keunen en toont een St.-Jan De Doper die ons de weg naar de fles wijst.
Gesterkt door spijs en drank konden de aanwezigen aan de dialectavond beginnen.
Gust Caelen, de secretaris van de Limburgse dialectvereniging Veldeke, trok de avond op gang met de werking van de vereniging uit te leggen. Zo geeft Veldeke een tijdschrift uit met dialectologische bijdragen en een almanak. Hij wees er verder op dat het Limburgs bij onze Nederlandse buren een erkende streektaal is, met alle rechten vandien. In België is het Limburgs eerder het kneusje van de dialecten.
Het eerste muzikale intermezzo kwam van Marc Briers en Eric Mertens, muzikale vrienden die voor het eerst ook publiek optraden. De CCR klassieker Proud Mary klonk in zijn Buitingse versie heel toepasselijk als “Werke in den industrie …”.
Vertrekkend vanuit de stamboom van de Indo-Europese talen vatte Etienne Bervoets vervolgens het verhaal van het Buitingse dialect in een powerpointpresentatie. Een groot gedeelte van dit verhaal kon al in de ‘Geschiedenis Limburgse dialecten’ op paalonline gevolgd worden, een rubriek die gevoed wordt door het veldwerk van Robby Vanesch uit Stal (Koersel). Robby heeft er zijn levenstaak van gemaakt om de oudere dialectkaarten bij te werken met de nieuwste inzichten en vaststellingen voor heel wat dialecten in Noordwest-Limburg. Langs de brede stroom van de Germaanse talen, de rivier van het Nederfrankisch, via de aftakking van het Oostnederfrankisch en het Limburgs beekje belandden we bij het greppeltje dat het Buitings in deze talenstroom voorstelt. Er werd nader ingegaan op de lokale dialectgrenzen en hun herkomst, de spanning tussen de Keulse en Brabantse invloedssfeer die een grote rol invloed gehad heeft op de West-Limburgse dialecten. Paal ligt werkelijk op een knooppunt van isoglossen: net onder de ich/mich lijn, net westelijk van de betoningslijn die zo typisch is voor het zangerige Limburgs, en met een Getelijn die (met een lichte voorsprong voor de Limburgse varianten) door ons dorpje meandert. Het maakt van het Buitings een redelijk moeilijk te definiëren dialect: West-Limburgs zonder de zangerigheid van de meeste Limburgse dialecten en met een sterk Getelandse invloed. Een andere eigenaardigheid van het Buitings is de oud-Germaanse sk, die in de meeste dialecten verschoven is naar sch, maar zeker bij de oudere dialectsprekers nog duidelijk te horen is: “in ’t skool hem ich liere skrève !”. In omliggende gemeenten werd er al eens gelachen met onze sk, hoewel die een overblijfsel is uit een ver Germaans verleden waar maar weinig dialecten nog mee kunnen pronken !
Gelukkig kwam er meer muziek na deze zware boterham met taalkundige hoofdkaas. Marc en Eric brachten hun versie van “Dust in the wind”, waarin onze deelname aan het WK voetbal bejubeld wordt en er terloops gepot wordt met die arme Hollanders. Misschien een goed idee om dit nummer te promoten tegen de volgende zomer ? Wie weet zit er een nationale hit in … en anders toch zeker een Buitingse !Tijd om het nieuwe online woordenboek in de spotlight te zetten ! Marcel Vanzeir schetste in een humoristisch stukje de ontstaansgeschiedenis van het woordenboek: hoe een uit de hand gelopen hobby van wijlen Maurice Diepvens uitgroeide tot een taalcommissie binnen paalonline, die op regelmatige tijdstippen vergaderde om over Buitingse woorden en gezegden te overleggen en deze te inventariseren. Een gezellig onderonsje bij Gust Luyten thuis evolueerde tot een ernstige werkgroep met oa. Jos Gielis, specialist voor de woordenschat van de boerenstiel, Marcel zelf als melkkoe voor heel wat oude woordenschat en vooral grappige voorbeeldzinnen, Gust en André Luyten als schatbewaarders van de Buitingse geschiedenis, André Cauberghs als kenner van het koolputterstaaltje en André Vandewijer voor al wat vliegt, loopt en springt in de Buitingse natuur. Maurice Diepvens werd de laatste jaren verhinderd door een slepende ziekte, Etienne Bervoets kwam er bij om de spelling van ons dialect en de huidige software voor het woordenboek te introduceren.
André Cauberghs heeft er zijn levenswerk van gemaakt om al dit materiaal ook van een gesproken variant te voorzien: native speakers van het Buitings zorgden voor een geluidsopname bij deze woordenvloed. Het monnikenwerk om al de woorden en voorbeeldzinnen op de website te koppelen aan het geluidsbestand werd tot een goed einde gebracht door André, Ronald en Etienne. André lichtte in zijn speech toe hoe je in het woordenboek ook gebruik kunt maken van filters: zo kunnen putwoorden of boerenjargon met één klik uit het woordenboek tevoorschijn getoverd worden. Tot slot zorgde Etienne Bervoets met zijn presentatie voor de spreekwoordelijke saaie spellingsles: waarom en hoe schrijven we het Buitings zoals in onze Dikke van Pale ? Deze spelling heeft naar zijn zeggen geen academische pretenties, maar is bedoeld voor plaatselijk gebruik: het is een compromis tussen de leesbaarheid van het Nederlands en de meer fonetische aanpak voor typisch Buitingse klanken. Het nieuwe woordenboek maakt verder ook gebruik van afbeeldingen, links naar informatie op het web, youtube-filmpjes enz … Etienne riep de aanwezigen op om mee te werken aan het woordenboek: nieuwe woorden, afbeeldingen, opmerkingen zijn en blijven welkom. Het Buitings is tenslotte van ons allemaal. Het woordenboek is bovendien ook aangenaam leesboek: heel veel woorden vormen een verre herinnering aan een dorp waarvan de eigen taal stilletjes aan samen met zijn oudste dialectsprekers verdwijnt.
Heel toepasselijk zetten Marc & Eric hun versie in van een van de meest iconische songs uit de sixties en ver daarvoor, house of the rising sun : “Doa stöt een kerk in ’t midde van ’t dörp, we deen d’r ós kommunie in …”. Het bleek de geschikte overgang voor een meer ingetogen moment.Gust Luyten schetste in zijn in memoriam het leven en de werken van de betreurde Maurice Diepvens, geboren en getogen Palenaar en op 13 mei 2017 overleden in het UZ Leuven na een lange lijdensweg. Hij is de bezieler en grondlegger van de Dikke van Pale en toen een oud cursiefje van hem ( ’t skool en ’t tukturke) in een video-opname werd geprojecteerd, konden velen tussen de lachsalvo’s door met moeite een traan bedwingen. Maurice zal op paalonline verder leven in zijn cursiefjes en zijn woordenboek.
André Luyten maakte zijn opwachting met nog meer nostalgie. In zijn ‘skoe’en herinneringe an dit dörp’ tekende hij het leven op de Buiting zoals hij het als ouderdomsdeken gekend heeft, nog voor de tweede wereldoorlog: dit dorp met zijn ‘bergen’, zijn volksfiguren als Pietermenneke en dokter Cerstelotte en zoveel andere, de stoomtram en zijn opvolger ‘de poephoas’, zijn windmolens en zijn wel zeer speciale bioscoop. Het heeft allemaal plaatsgemaakt voor een nieuwe wereld, een nieuwe Buiting.
De avond werd afgesloten met een dubbel optreden van de splinternieuwe band Alto Frejo (acroniem gevormd met de voornamen van het kwartet), geruggensteund door het koor Cantemus dat eerder ook de liederen in de H. Mis vertolkte. Eerst brachten zij een Buitingse versie van de klassieker van Wannes Van De Velde: “Ich wil deze nacht op de Böeting verdwoale”, bekeken vanuit een vrouwelijk boemelstandpunt. Afsluiter van de avond werd “ik heb de zon zien zakken”, maar dan met typisch Buitingse gezegdes als tekst. Tussen de twee nummers door bracht de voorzitter van paalonline, Jan Elsen in een opgenomen videoboodschap vanuit Zuid-Afrika hulde aan al de medewerkers van de avond en dankte de aanwezigen voor hun interesse in dit stukje taalkundig erfgoed. Daar sluiten wij ons bij aan ! Laten we het Buitings levend houden, zolang het nog kan …
Om naar uit te kijken: rond de jaarwisseling brengen we de video-opnames van de avond, voor al wie er was en voor al wie er niet kon zijn :)
Zoals aangekondigd werd de dialectavond ingezet met de H. Mis in het Buitings. Tot grote tevredenheid van onze pastoor zat de kerk nog eens vol, sommigen moesten zelfs rechtstaan. Over de mis zelf heeft André C.