Deze website gebruikt cookies

Deze website gebruikt zoals de meeste website cookies om uw bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Wij respecteren hierbij uw privacy maximaal. Indien u verder gaat naar de website staat u de plaatsing van cookies toe. Meer info over ons cookiebeleid - klik hier. -

5 november 2019

Boek: 'De Tweede Wereldoorlog in Paal'

boek De Tweede Wereldoorlog in Paal       Is er in het dorp Paal iets vermeldenswaardig gebeurd tijdens de Tweede Wereldoorlog?

Dat was de vraag die de leden van de Historische Werkgroep van Paalonline zich twee jaar geleden stelden…

Wanneer je iets niet weet, ga je het vragen: we interviewden veertig oudere Palenaren, mannen en vrouwen, over wat hen bijgebleven was over de oorlogsjaren.  Zijn ze gevlucht op 10 of 11 mei 1940, hebben ze honger geleden, of fel schrik gehad, wat is er tijdens de oorlogsjaren zoal gebeurd in het dorp, wat herinneren ze zich nog van de bevrijding… Gelukkig waren we met meerder ploegen om te interviewen, want elk interview duurde meerdere uren…

De antwoorden waren verbluffend en openbarend: het werd al snel duidelijk dat werkelijk iedereen zijn eigen oorlogsverhaal meedraagt en ja:  velen hebben schrik gehad, hebben honger geleden…  De geïnterviewden haalden hun nog nooit gepubliceerde foto’s boven, hun kinderen hoorden sommige oorlogsverhalen voor de eerste keer…

Door al die verhalen met elkaar te verbinden, konden we de oorlogsgeschiedenis van het dorp Paal reconstrueren.

We vulden hun verhalen aan met archiefonderzoek. Dat gaf een stevige basis voor de mondelinge oorlogsverhalen en plaatste ze in een groter kader. Het provinciaal archief in Hasselt, het gemeentelijk archief in Beringen stonden voor ons open.

De krant Het Belang van Limburg beschreef, onmiddellijk na de bevrijding, de vele oorlogsdrama’s.  Haar verslaggeving over de krijgsraden was onverbloemd en de krant noemde de veroordeelden met naam en toenaam.

Het werd duidelijk dat het dorp Paal zwaar geleden heeft onder de Duitse bezetting: er vielen meer dan 20 dodelijke slachtoffers, anderen werden opgesloten in krijgsgevangenenkampen en  concentratiekampen, tientallen jongens moesten jarenlang onderduiken, iedereen had schrik voor wat kon komen …

Tenminste drie Paalse partizanen vonden de dood: in Breendonk, tijdens de bevrijding of door executie ter plekke …

Daartegenover stond de collaboratie, ook in Paal: een groep van ongeveer 30 personen koos de kant van het Duitse Derde Rijk. Zolang de Duitse legers aan de winnende hand waren, moest je daar niet eens zo dapper voor zijn. Drie Palenaren sloten zich aan bij de Vlaamse SS en vochten samen met de Duitsers aan het Oostfront. Samen met de bevrijding kwam de afrekening… Ook deze was niet altijd even netjes. Huizen werden geplunderd, vrouwen de haren afgesneden.

10Bij de bevrijding heeft Paal werkelijk geluk gehad: precies in dit dorp besliste de geallieerde legerleiding om de aanval drie dagen stop te zetten. Daardoor konden de Duitsers zich hergroeperen achter het Albertkanaal en moest er hard gevochten worden aan de brug van Beringen. Paal zelf ontsnapte aan bombardementen, maar het gehucht Tervant kreeg het zwaar te verduren.

 

 

 Het meisje links is José Postelmans, verder nog verscheidene van de kinderen Huybrichs.  De foto is genomen in de Schoolstraat.

 

 

 

Dit boek “De Tweede Wereldoorlog in Paal” is een eerbewijs aan de Palenaren die zwaar te lijden hadden onder de oorlog, die opgepakt werden en naar concentratiekampen gestuurd, die sneuvelden in hun strijd tegen de bezetter.

5

Tijdens onze zoektocht vonden we ook het enige oorlogserfgoed terug in Paal: een eenpersoonsbunkertje op het domein van de oude kolenhaven.

Met vriendelijke groet

Cyril Rubens

De historische werkgroep Paalonline

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

 

 

 

 

 

Hieronder nog enkele teksten en foto’s uit het boek:

Op 12 mei 1940 trekken Duitse soldaten Paal binnen. De jonge LEON AERTS beschrijft zijn confrontatie met de Duitsers in het café van zijn vader:

De Duitsers kwamen binnen. De eerste Duitser bonkte met de kolf van zijn geweer op de deur. Pa had zo’n schrik dat hij niet durfde open doen. Ik moest de deur open doen en daar stond een soldaat met een geweer voor mij, dubbel zo groot als ik. Hij vroeg of bij ons Belgische soldaten waren, ik schudde hard van nee. Hij stak zijn hand in zijn zak en gaf mij een “grop” karamellen, die had hij zeker meegenomen bij het Mulderke (de buurtwinkel). Ze kwamen binnen, legden een paar stafkaarten op de biljarttafel en ze vroegen: hier Rijsel? Ik knikte van ja.

Het gewapend verzet voert ook acties in Paal. Driemaal worden rantsoenzegels gestolen op het gemeentehuis. In het voorjaar van 1943 komt op klaarlichte dag een gewapende groep aan bij het gemeentehuis. LOUIS VANBRABANT heeft het horen vertellen door zijn vader:

Mijn pa ging naar de smid in het dorp. Zo zag hij vier mannen die hij niet kende komen aanrijden. Ze zetten hun fiets tegen de kiosk en ze gingen naar het gemeentehuis. Maar het was tegen de middag, er was daar niemand meer. Na een tijdje kwamen ze terug naar buiten en reden ze in de richting van Beringen. Vanuit het huis van meester Men werd door de venster op hen geschoten en één van de mannen werd geraakt in de arm; ze reden verder, draaiden naar rechts en zo waarschijnlijk naar dokter Cerstelotte.  Meester Men (onderwijzer Raf Theunis) was een van de voormannen van het VNV, de Zwarten.

Jef Ceunen meldt zich als eerste in Paal aan bij het Vlaams Legioen en neemt in 1941 dienst in het Duitse leger. Hij maakt deel uit van de troepen die in het najaar en de winter van 1941 proberen om Leningrad (Petersburg) te veroveren. Blijkbaar is Jef een dapper soldaat want hij wordt bevorderd tot Unterscharführer, een rang van officier. In het voorjaar van 1942 wordt hij zwaar gewond. Dat levert hem meerdere eretekens op: een ijzeren kruis en een Sturmabzeichen. Op 23 maart 1943 sterft hij: in de strijd of als gevangene van de Russen, dat is niet duidelijk.

FINNEKE ALENTEYNS geeft een nuchtere commentaar op deze oostfrontstrijder: Ceunen bleef dood in Rusland.  Zijn moeder weende veel, ze kon haar verdriet niet de baas. Nochtans was ze eerst blij dat hij ging…

35De pasgetrouwde Albert Cuypers is detachementskommandant bij de partizanen, onder de schuilnaam Anselm. Hij wordt in december 1943 opgepakt bij een razzia. In volgende maanden worden nog 80 partizanen opgepakt in Midden-Limburg. Op 24 maart 1944 worden 24 Limburgse partizanen door het krijgsgerecht van de Feldkommandantur in Hasselt ter dood veroordeeld, waaronder Albert Cuypers. Hij wordt beschuldigd van twee moorden (op Vlaamse Wachters), een moordpoging, een roofoverval op een veekoopman en op een bode van de Boerenbond in Koersel.

Op 11 april 1944 wordt hij terechtgesteld in Breendonk.

Het VNV-weekblad De Toekomst is een collaboratiekrant. In haar editie van 22 april 1944 spreekt het blad over 24 terroristen  die gehalsrecht zijn. Daardoor zijn de vermoorde Vlaamse kameraden eindelijk gewroken. De krant benadrukt dat deze terroristen eveneens communisten zijn en insinueert dat deze terroristen goed betaald worden voor elke overval en terechtstelling.

De partizanen antwoorden met een vlugschrift: het verzet beweent zijn gedode kameraden niet, het wreekt hen!

 

Trees Rubens is een gewone Paalse moeder. Haar zoon is ondergedoken omdat hij weigert te gaan werken in  Duitsland. Op de laatste dag van de oorlog nemen Duitse soldaten haar mee als gijzelaar. Tot in mei 1945 wordt ze opgesloten in het concentratiekamp van Ravensbrück, maar ze overleeft de oorlog. Bij haar terugkeer wordt een groot familiefeest gegeven.

JOSE RUBENS is erbij als 12-jarige en ze herinnert zich hoe plezant het die dag was. Ze kent nog goed het feestmenu: Op de tafels stonden grote schotels, mooi versierd met op elke schotel een witte roos en wat groen, vol met… boterhammen. Wij kinderen mochten… onze buik vol eten! Dat was een echt feest. Ook na de oorlog was er nog voedselschaarste.

 30

 

 

 

 

Laatst aangepast op 11 januari 2020