Paalonline laat zeven Böetingse Kastaars aan het woord. Als derde in de reeks was het de beurt aan Gert Gommé, sportjournalist in hart en nieren. Het polyvalente lokaal in OC De Buiting zat goed vol toen Luc Savelkoul de microfoon nam om de gast van de avond voor te stellen.
Luc dook eerst even het archief van Paalonline in en vond een Paals portret dat Martin Vanierschot in januari 2020 over Gert schreef. Geboren in 1962, zoon van François Gommé en Ivonne Diepvens. Vader François was jarenlang voorzitter van tennisclub Paal, wat meteen verklaart waarom Gert al vroeg op het tennisveld te vinden was. “Maar,” besloot Luc met een knipoog, “wie een echte Böetingse Kastaar wil zien of horen: hij staat hier zo meteen aan de microfoon.” Een inleiding die de verwachtingen hoog legde.
Gert pikte de draad graag op. Hij groeide op vlak bij de Klitsberg. Zodra hij het gebrom van een motor hoorde, liet hij alles vallen om te gaan kijken welke Belgische topcrosser er aan het trainen was. Door de week was er amusement genoeg, maar op zondagmiddag was de radio gevuld met orkestmuziek en opera. Niet bepaald zijn ding. Dus begon hij te zoeken naar ‘zijn’ muziek en die vond hij bij de illegale radiozenders. Radio Veronica, Radio Mi Amigo, zenders vanop schepen op de Noordzee: dat was pas spannend.
Tot hij op een dag hoorde: “Hier is Radio Benelux… vanuit Paal.” Gert geloofde zijn oren niet. Een illegale zender in eigen dorp? Hij móést weten wie daarachter zat. Zijn speurtocht bracht hem naar café De Tower, stamkroeg van de Benelux-crew. Toen vier jonge gasten binnenkwamen en het hele café spontaan begon te applaudisseren, wist hij: hier gebeurt iets bijzonders.
De uitzendingen gebeurden eerst vanop de Klitsberg, met een antenne hoog in een boom en een zender die snel in de grond kon verdwijnen als de peilwagen naderde. Later verhuisde men naar de Kapelstraat, met een camionette klaar om weg te rijden bij controle. Binnen zaten dan gewoon “jongeren die naar muziek luisterden”. Kat-en-muisspel, pure adrenaline — en precies wat Gert zocht.
Hij waagde zijn kans bij een stemtest. Een lange rij kandidaten, weinig hoop. Maar hij werd geselecteerd. En zo belandde hij in de Galgestraat, in het kolenkot van Frans — later bekend als Nonkel Frans en Tante Jenny van Radio Benelux. De garage en achterliggende koten werden ingepalmd, de zender groeide, en Gert richtte zich op sport- en infoprogramma’s. Zijn eerste programma heette toepasselijk: Galgestraat 8.
Radio Benelux was pionier. Niet alleen Nederlandstalige uitzendingen, maar ook programma’s van en voor Turkse, Italiaanse en Marokkaanse luisteraars. Verkiezingsshows waar alle politici present tekenden. Een mijnendebat dat officieel geen toestemming kreeg, maar dat toch doorging, dankzij vliegensvlug uitgedeelde flyers aan de mijnwerkers. Het werd een overvol debat, zonder rellen, iedereen te snel af.
En dan waren er de fuiven. Het tienjarig bestaan van Benelux, met Clouseau op de affiche, toen nog net beginnend, maar tegen de avond al een ware meisjesidool. Of die legendarische fuif aan de Paalse Plas. Men rekende op 150 bezoekers. Het werden er meer dan duizend. Bier tekort, camionette op en af, enkel nog bier bijhalen. Chaos, maar een grandioos succes.
Toch bleef Gerts grote liefde: sport. Hij mocht als Palenaar op de Paalse Klitsberg de motorcross presenteren, met Palenaar Marniq Bervoets, die er Belgisch kampioen werd. Gert gaf livecommentaar naast de presentator van BRT1. Na afloop kwam die naar hem toe: “Waarom kom jij met zo’n stem en talent niet bij ons werken? Kom maandag maar naar Brussel.”
Maandag stond Gert in de Reyerslaan, en liep daar zijn grote voorbeeld Jan Wouters tegen het lijf. Niet veel later startte hij bij BRT1. Daarna volgde BRT2 Limburg, waar hij zich als sportjournalist volledig kon uitleven.
Er waren leermomenten. Na een dramatische wedstrijd STVV–Antwerp (0–4 verlies) vroeg Gert aan trainer Michel Preud’homme wat hij van de match vond. “Als we onze kansen afmaken, winnen we,” zei Preud’homme. Terwijl STVV nauwelijks over de middenlijn was geraakt. Gert viel stil. Te stil. In de studio ergerde men zich. Later excuseerde hij zich bij de trainer. Sindsdien werden ze goede vrienden, zo op zeker moment dat Preud’homme hem ooit tussen alle journalisten uithaalde optilde en grapte: “Jij bent ook wat zwaarder geworden.” Typisch Michel. Typisch Gert.
Een bijzonder intense periode was de verslaggeving rond de ontvoering van An en Eefje. Gert mocht met zijn ploeg bij Paul Marchal in huis verblijven. Ze hoorden alles, zagen alles. De afspraak was helder: niets uitzenden zonder toestemming, maar ook niets achterhouden. Na afloop stuurde Paul Marchal een kaartje: “Bedankt voor de serene verslaggeving. Jullie hebben je aan de afspraak gehouden.” Een boodschap die Gert altijd is bijgebleven.
Van Radio 2 ging het naar TVL. Eén van zijn eerste grote liveverslagen: de bisschopswijding van Mgr. Hoogmartens. Gert bereidde zich minutieus voor, zocht alle symbolen en rituelen op, bouwde een fichebak uit, zijn handelsmerk, waarmee hij elke handeling kon duiden voor de kijker.
Daarna volgde het WK voetbal in Frankrijk. Hotels volgeboekt. Maar Real Madrid logeerde nog ergens, en werd gesponsord door een golfclub. Dus werd men snel lid van Millennium Golf Paal… en zo raakten ze binnen. Andere tijden, andere trucs.
Omdat TVL geen geld had om de vliegreis naar het WK in Japan niet kon betalen, creatief met een handelsmissie van prins Filip mee het naar Japan, een kleine reportage over handel en verder het WK. Maar bij TVL was Gert zowel sport als politiek journalist. Niet altijd geliefd. Een bondscoach noemde zijn berichtgeving ooit “leugens” — tot Gert hem het bewijsmateriaal stuurde. Een politicus beschuldigde hem van bedrijfsspionage — ook dat kon hij weerleggen. Journalistiek met rechte rug.
Na zijn afscheid bij TVL volgde een korte pauze. Daarna lonkten zowel VTM als VRT. Gert koos voor Sporza. Een nieuwe wereld ging open: meer dan zestig landen, Champions League, Olympische Spelen, de carrières van Kim Clijsters, Justine Henin en Sabine Appelmans. Nieuwjaar vieren op het vliegtuig. Drie dagen lang op het stoeltje zitten voor de langst durende match Isner–Mahut waarvan 11u effectief gespeeld op Wimbledon. Eindeloos wachten in de regen, klaar om elk moment te hervatten.
Altijd onderweg, met thuisfront Danielle, Sarah en Michelle die hij vaak moest missen. Het hoorde erbij, maar gemakkelijk was het niet.
En dan dat legendarische interview met Roger Federer. Eén uur kreeg hij. “Waar is je vragenlijst?” vroeg Federer. “Die heb ik niet,” zei Gert. “We zien wel.” Veertig minuten later begon pas het gesprek over tennis. Na afloop zei Federer: “Dit was het fijnste interview dat ik ooit gedaan heb.” Weer een nieuwe vriend.
Na elke Olympiade kreeg hij een diploma. Eén daarvan is hem bijzonder dierbaar: ondertekend door Jacques Rogge, voorzitter van het IOC.
Met nog enkele sappige anekdotes sloot Gert zijn verhaal af.
Luc Savelkoul bedankte hem hartelijk. Jan Elsen overhandigde een drankpakket. En iemand merkte op: “Misschien maak je na je pensioen nog een fichebak — eentje met al je anekdotes. Van Galgestraat tot internationaal reporter.”
Na 45 jaar carrière mag Gert stilaan terug naar zijn roots. Geen motorcross meer op de Klitsberg, maar wel mooie wandelingen. De tennispleinen liggen er nog. De cafetaria ook.
En Luc had gelijk aan het begin van de avond: Gert Gommé is een echte Böetingse Kastaar.— AC
ps. Volgende maand op donderdag 5 februari is Hans Put de volgende Böetingse Kastaar