Print deze pagina

Woord van de week (3): bèèrlepel

Bèèrlepel: boerengerei, niet geschikt om de soep mee uit te scheppen !  

Wintertijd ...  het ideale moment voor klusjes die niet veel zonlicht nodig hebben,  zoals de beerput leeg maken en het terra-fertiele goedje over het veld uitrijden.  Alleen,  hoe deed je dat  in een tijdperk toen er geen pompen waren ?  Met de hand dus.  En een grote lepel:  de beerlepel.  Uit onze Dikke Van Pale:  

Bèèrlepel
- zelfst.naamw.(m) - boerderij - 

   Aalschepper, beerlepel ,   afbeelding   -  De beerput ledigen met de beerlepel:  " 't Höske ötdóun mee de bèèrlepel."    

beerlepel

 

beertonHet volgende probleem dat zich stelde bij het uitlepelen van de beerput was natuurlijk:  hoe vervoeren ?  Daarvoor bestonden beertonnen,  eerst in hout, later in zink.  Die ton werd dan best op een kruiwagen geplaatst om zo over de tuin uitgekieperd te worden.
Een boer zag het natuurlijk ietwat groter dan de gemiddelde dorpsschijter,  hij had meestal een beerwagen ter beschikking,  een kar die door het kokhalzende paard tot op het veld getrokken werd. (Klik op lees meer ...)

 

 

 

 Boven: deze beerlepel wordt tegenwoordig inventief gebruikt als asbak voor buiten (Hulst, Tessenderlo). 

Onder:  een beerkar te koop op tweedehands.be .

  

beerkar1beerkar2

De bijnaam die de Antwerpenaars aan die van Hoboken gaven was: strontboeren of beerscheppers, omdat ze in 't stad de beer kwamen ophalen

Boven:  een mooi kunstwerkje dat je in Antwerpen (Hoboken) kunt vinden (niet te koop).  Haalde de kunstenaar zijn inspiratie in Paal ?
Onder:  Antwerpen op vakantie in Paal (Klitsberg op de achtergrond), poserend met werktuigen van de boerenbuiten:

 poserenmetbeerlepel1

poserenmetbeerlepel2

(foto's met dank aan F&W Cools,  op de foto oa. echtpaar Cools-Peters)

 

Laatst aangepast op 11 januari 2020
Log in om reacties te plaatsen