Om in geur en kleur al de door ons genomen etappes te beschrijven, heb ik geen zin. Wat me wel opviel is dat de natuur zo mooi is, ook vlakbij huis. Buiten de afgebakende wegen een kronkelend fiets- of zandpad op, en je beleeft het. Heggen, bossen en beekjes, je ziet vogels waarvan je het bestaan al lang vergeten was. We volgden de Maas door velden, dorpen en steden. Via Brabant, Nederlands en Belgisch Limburg, ‘s-Hertogenbosch, Maaseik , Roermond en Maastricht naar Luik. Het fietsen werd na de Nederlands-Belgische grens een nachtmerrie. De bewegwijzering en de staat van de fietspaden als die er al waren, ervoeren we als erbarmelijk. We presteerden het om door Luik, Seraing en Charleroi te komen . De Maas terug vinden en volgen waar mogelijk bleek altijd weer de formule om verder te raken . Uiteraard stroomopwaarts. Vanaf Namen werd het weer wat aangenamer fietsen en de fietspaden langs de Maas richting Dinant en verder, waren in goede staat. De omgeving is schitterend, kapitale villa’s langs het water als getuigenis dat de maatschappelijke tweedeling langer bestaat dan vandaag.
We bereikten Charleville Mezieres en kampeerden vlakbij het centrum. De camping was super en veel goedkoper dan in Nederland of België. Ons tentje stond onder een machtige rode beuk en een veld met koeien. Na een kleine wandeling over een pittoreske brug naar de andere kant, was het genieten van een drankje op een typisch terrasje. Zelf hou ik het na meer dan 40 jaar sober te zijn nog steeds op mineraalwater, het neemt niet weg dat ik kan genieten van iemand die een Amer Picon Biere weet te waarderen op een zomerse dag. Ja, inmiddels was het weer van koel, erg warm geworden. De Maas volgend deden we Verdun aan . Onderweg ontmoetten we fietsers die op weg of terugweg van de Maasbron waren. Terzijde, fietsers op e - bikes weigeren we fietsers te noemen. Het terrein werd allengs heuvelachtiger en met wind tegen, vroeg het een forse inspanning om de volgende camping te bereiken. Water en eten voor onderweg meenemen is een vereiste om door deze contreien te fietsen.
Dorpen zijn verlaten en toerisme is er amper . Intussen is ook de rivier onbevaarbaar geworden en kronkelt hij hogerop. Naar Inor , St Mihiel en Domremy waar Jeanne d’ Arc vandaan kwam. Een schriel beekje brengt ons naar een drassig plekje waar een paar druppels opborrelen. Het plaatsje heet Bourbonne les Bains. De bron van de Maas, waar niets iets wordt.
Het is grappig dat men de nabije omgeving van dit drassige plasje monumentaal wil aankleden. Er is een gedenkteken geplaatst op een muurtje, er zijn wat parkeerplaatsen aangelegd en er zijn een paar fietsrekken geplaatst . Het blijft niets, en de geur van mest die een boer op dit moment uitrijdt in het dorp is overweldigend.
Mijn vrouw Carol en ik besluiten om niet dezelfde weg terug naar huis te fietsen maar dat te doen via ‘Veloroute du Soleil’ . Via Nancy en Metz naar het noorden. Door de Vogezen, het Eifelgebergte en de Hoge Venen naar Aken. Een prachtig traject waar we zoveel mogelijk klimpartijen met onze beladen fietsen willen vermijden. In Pont à Mousson verruilden we de camping voor een onderkomen in een abdij, omgetoverd tot ****sterrenhotel. Een belevenis, te meer daar we dineerden in ‘Le Petit Gourmandin’. In Aken rekten we ons verblijf een paar dagen om een paar mooie musea te bezoeken . Met een uitputtende klim over de Seffenberg bereikten het land van de stekelbessen, kruisbessen of kroenselenvlaaien. En … dat lieten we ons welgevallen, om vervolgens via Eindhoven en Tilburg weer naar Rotterdam en het Noordereiland te fietsen . We hebben na een fietstocht van 2200 km Pala niet gevonden . Noch op de heenweg, noch op de terugweg.
Bij thuiskomst bekroop ons een gevoel van een onvervulde zoektocht . De bron van de Maas die minder om het lijf had dan manneke pis in Brussel .
De confrontatie met het betrekkelijke . Het rumoer in de stad. De schietpartijen en de criminele bomaanslagen. De stikstof- en klimaatproblematiek. De oorlogen en branden.
Het overlijden van Gust .
En toch, Pala gloort.