Print deze pagina

Buitingbeentjes (afl.6): Alphonsine Smeuninx Speciaal

In deze rubriek willen we het dialect van Paal, het Buitings,  in leven houden én een overleden dorpsgenoot opnieuw in de kijker zetten,  omdat hij/zij het verdient,  of gewoon, zomaar,  omdat hij/zij ooit deel uitmaakte van onze gemeenschap.  Ken jij iemand die je opnieuw voor het licht van onze schijnwerper  wil halen?  Stuur je voorstel,  graag met een bidprentje,  een korte biografie en wat foto’s, naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.  Wij zorgen voor het postume gloriemoment ! 
In de 6de aflevering herdenken we een specialleke,  iemand die lang onder ons geweest is én opviel door haar optimistische levensstijl:  Alphonsine Smeuninx,  aka Fonsien van de Zwanenberg aka tante Sienneke.

Smeuninx Alfonsine comp

Luister hier naar de versie in 't Buitings:  

Alphonsine Smeuninx stond op de Buiting beter bekend als Fonsien van de Zwanenberg of ook, iets lieflijker ‘tante Sienneke’.

Hoewel twee keer getrouwd,  had ze geen kinderen.  Het laatste deel van haar leven woonde ze op de Schaffensesteenweg, in een huisje van de Kantonale Bouwmaatschappij.  
De roots van Fonsien lagen in Beringen,  haar grootouders waren daar ‘commerçanten’.  Haar vader Baziel trouwde er met Sylvia Naelten,  dochter van een winkelier in rieten manden,, wiegen en houtsnijwerk.
Het koppel bouwde rond 1890 een toch wel indrukwekkend café op de Zwanenberg,  waar nu de brug van de autosnelweg ligt.  Die Zwanenberg,  de straatnaam aan de autosnelweg herinnert er nog aan, was eigenlijk geen van de ‘officiële’ bergen van Paal,  zoals de Klitsberg en de Venusberg …  Het café werd zo gedoopt omdat er achter het café een poel was waar twee zwanen huisden.  Fonsien werd er geboren in 1901,  daar herinnert de iconische foto van het jonge gezin gezeten voor het café nog aan.  De komst van de tramverbinding Diest-Beringen en nog 3 extra dochters beloofde eigenlijk een gouden toekomst voor het café,  als de Eerste Wereldoorlog geen roet in het eten gegooid had.  Het gezin sloeg op de vlucht,   tijdens de oorlog nog werd het café definitief gesloten.

bidprentjeDe eerste man van Fonsien was goed 20 jaar ouder dan zij,  Jozef Wouters had in Beringen een sigarenfabriek en zat er dus warmpjes in.  Ze trouwden in 1930 en woonden vlak naast het vroegere café,  waar nu Garage Kenens is. Via haar man werd Fonsien zo ook de schoonzus van dokter Gerard in Beringen. 

Al snel zou ze moeten ondervinden dat het leven niet alleen mooie momenten in petto heeft.  In 1934 verongelukt haar moeder op de grote weg,  omvergereden met de fiets.  Dat die Beringsebaan een gevaarlijke traject was, moest ook haar vader 10 jaar later ondervinden,  bij de bevrijding in 44 wordt hij door een Engelse legerkamion van de weg gemaaid.

Haar sprookjeshuwelijk eindigde al na 10 jaar op het perron van het station in Diest,  toen Jozef in haar armen bezweek aan een hartstilstand.
Het is dan 27 januari 1940,  de Tweede Wereldoorlog kondigt zich aan.
Na de oorlog, in 47 hertrouwt Fonsien met Palenaar Louis Ariën,  huisschilder maar ook geschoold organist,  beiaardier en een begenadigd zanger, dirigent ook van het zangkoor “Willen is Kunnen”.  Het koppel baatte een drogisterij uit op de Tessenderlosesteenweg (waar later de Kredietbank gevestigd was). Ook dit tweede huwelijk was geen lang geluk gegund.  Louis sterft in 1957 aan longkanker.
Alphonsine verhuist naar de Schaffensesteenweg waar ze tot 1997 zal blijven wonen,  ze wordt er de oudste inwoner van Paal, de laatste twee jaar van haar lange leven verblijft ze in een rusthuis in Zelem,  tot ze in 1999 in het ziekenhuis van Diest sterft op 98-jarige leeftijd.

De vele tegenslagen in haar leven ten spijt bleef ze letterlijk en figuurlijk een optimist tot in de kist.  Ook op latere leeftijd verscheen ze altijd piekfijn opgedirkt en uitgedost op straat.  André Luyten beschreef het zo:  “Als je achter haar liep had je altijd het gevoel achter een poppeke van 18 aan te lopen …”   Altijd een mooie hoed op,  de haren in de plooi, lippen geverfd, oorbellen aan en op hoge hakken,  ze was een verschijning. 
Ook bij haar thuis binnen viel het op:  hier woont een dame van stand.  Ze deed geen moeite om haar roots van ‘t stad te verbergen:  in de voormiddag een portootje als aperitief, middagmaal op een gedekte tafel,  compleet met serviette en kandelaar.  Nee,  je zat hier niet ‘op den boer’. 
Als je Fonsien één ding moet nageven:  ze liet haar kop niet hangen.  Ga elke dag voor de spiegel staan zei ze,  en lach eens naar jezelf.  Het zal je goed doen.
Was dit haar geheim voor een lang leven ?

cafézwanenberg1903 1950
café "De Zwanenberg" in 1903,  met de kleine Alphonsine -  in 1919 met het voltallige gezin (Fonsien links naast haar vader Baziel) -  het café kort voor de afbraak en aanleg autosnelweg.

Nog een kunstzinnige impressie van de 4 zusjes, Fonsien uiterst rechts,  van het penseel van onze huisschilder JdQ:
zussensmeuninx

 

Laatst aangepast op 1 februari 2026
Log in om reacties te plaatsen