Print deze pagina
8 juni 2022

Tervant, het grootste gehucht van de Buiting

Volgend bijdrage is gebaseerd op  een artikel geschreven door Jef Theunis  en gepubliceerd in Kiosk 69 van juli 2012.We hebben de tekst, in verteltrant, letterlijk overgenomen zoals Jef hem schreef in 2012. Jef was een Tervantenaar in hart en nieren zoals zal blijken uit dit artikel.

1808:

 De Buiting is een zelfstandige gemeente geworden en heet vanaf dan Paal. Niet iedereen was daarmee tevreden en de bewoners van de Dullaerd, de Ulfort, de Kruisbaan en van Oelen waren sneller in Beringen dan in Paal. Dan waren er nog de markt, de winkels, de kerk en vele andere zaken waarvoor ze toch naar Beringen moesten. Maar in ’t dorp zaten de bazen, dus…. zwijgen.

1830 

Er wordt een weg aangelegd van Diest naar Eksel, van Paal dorp door Oelen. Sommigen noemden het de heirbaan. Ze wisten niet beter.

1840

Bij de opmaak van het kadasterplan waren  er in Tervant 38 woningen . Er waren ook 2 schansen.

1850

Het kanaal doorsnijdt Tervant van noord naar zuid. 7 straten worden onderbroken.  Aan de weg naar Beverlo komt een brug

Benaming: Tervaint, Tervaent, Tervant zal het blijven.

Ligging

Tussen de Winterbeek in het noorden, de Ulfort en Weerterbeek in het zuiden, het Berings Broek in Oelen. Aan weerszijden van het vertakkingkanaal. Het oostelijk deel dat grensde aan Beverlo, werd “achter het kanaal” genoemd. Op het kadasterplan stond Heide, men sprak van “ op de hei”. In het westen grenst Tervant aan Meelberg en in het oosten aan Beverlo en Beringen. Het overgrote deel van Tervant was vroeger heide. Tervant is het begin van het Heuvelland of Hageland. Met de Deus, niet Duist, en de Suikerberg, Zwanenberg, Zandberg, Geleberg, Dalenberg, Venusberg, Klitsberg en Busselenberg kan men er niet naast kijken. Om van heide landbouwgrond te maken, dienen we landbouwers of beter gezegd de boeren aan te spreken. Vooraf gaan we de grond van onze voorouders eens bekijken. In het noorden langs de Winterbeek lag een strook onbetreedbaar gebied van, +/-200 m, dan lagen er hooibeemden van +/- 300m en rond de huizen aan de Dullaerd en Tervantstraat lagen de weilanden. Aan de overzijde van de straat lagen de akkers waar bieten, aardappelen , rogge en haver groeide. Achter de Deus en de Suikerberg in Oelen helde het  terrein naar het zuiden, de vallei van de Weerterbeek in Oelen en Berings broek. In Oelen lagen verscheidene vijvers. Zij werden van water voorzien door oppervlaktewater van grachten en waterlopen. De afloop was voorzien van een houten sluis om het water op peil te houden. Benevens de Holevijvers ( Wellens) ,de Sacramentvijvers(3), nu in de kanaalbedding, de Deusvijver, Beelkenswijer en andere vijvers waren er veel dennenbossen.  Deze waren aangeplant  in de ontgonnen heidegronden. De vruchtbaarste heidegronden dienden voor landbouwgrond of weiland.

Zandduinen

Aan de Sparrenstraat, de Duistbosstraat en de Lijsterstraat bevinden zich nog zandduinen; door de wind opgejaagd zand met kot en berg, ongelijk terrein, nooit bewerkt, wel beplant met dennen willekeurig door mekaar. ’t Zand werd soms gebruikt als metselzand. Zandduinen waren er ook in de Paepenstraat en de Buntjesstraat, het gemeentebos.

Het ontginnen van de heide

In het boek van Cyriel Brockmans lezen we op blz.35, was in de vroege middeleeuwen het verbruikersrecht van de 'gemeynte goederen' voor Tervant "in de heide" gelegen. Op het kadasterplan van 1840,dus vooraleer het kanaal gegraven werd, staat Heide op een groot deel van Tervant.

Bij de oprichting van de parochie Paal in 1708 telde Tervant 36 huizen. Met zo weinig volk kon men die grote oppervlakte niet bewerken ,dus bleef het overgrote deel heide. Langzaam aan kwamen er meer boeren want zij waren het die de gronden ontgonnen. Paarden waren er weinig, alleen de grote boeren hadden er één, maar de kleine boeren met 3 of 4 koeien reden met een span koeien . De vrouw leidde de koeien, de man stuurde de ploeg of ander gerei. Het nadeel was dat die koeien dan minder melk gaven, maar het was de beste oplossing. Een koekar met 1 berrie of dissel, was kleiner dan een paardenkar. Men sprak van koeboeren en van paardenboeren. Ik herinner me dat er in Tervant wel een 6-tal koeboeren waren en soms werden ze later paardenboer.

Op het einde van de oorlog in 1944, denk ik, was alle beschikbare grond  in gebruik. Nadien in de jaren ’60 is er de onteigening van de Dullaerd gekomen waardoor de beste beemden, weilanden en akkers onteigend werden. Geen woorden om dat te beschrijven. De mensen van de Dullaerdstraat moesten verhuizen. Dit was het einde van de Dullaerd. Nu staan er fabrieken.

De straatnamen van Tervant volgens het kadaster in 1840.

1 De Vlotstraat was vroeger de Stievelstraat.

2 De Tervantstraat: de Eindestraat, de Vierstraat ,Dijk van Tervant naar Beverlo.

3 De Dullaerdstraat: Weg van Paal naar Oostham.

4 Beverlosesteenweg: Veldstraat.

5 Olmensesteenweg: Dijk van Oostham naar Beringen.

6 De Sparrenstraat: de Oelenstraat

7 De Duistbosstraat:  Weg van Tervant naar Beringen.

8 De Lijsterstraat: Weg van Diest naar Eksel. Achter het kanaal: Tervantse Heide.

 De parochie

De Buiting had reeds in 1459 een kapel ,maar bleef afhankelijk van Beringen tot 1708. Bij deze gelegenheid lezen we dat Tervant 36 huizen telde en in totaal had de Buiting 135 huizen. Einde 19de eeuw, er is geen juiste datum bekend, bouwde men in Tervant een kapel op het westelijk deel van het plein waar ook de schietboom van de Sint-Pietersgilde stond. Het was een lemen gebouw. Sommigen beweerden dat er bedevaarten waren ter ere van Onze Lieve Vrouw. 

Johannes Franciscus Theunis, geboren te Paal 05/11/1805 , was onderwijzer in Tervant, voorzitter van de Sint Vincentius genootschap en ontvanger der kerk en gemeenteraadslid. Zijn grootouders woonden sinds 1764 in Tervant en wisten beter dan wie ook wat Tervant nodig had: een eigen parochie. Johannes overleed in Paal op 28/07/1872.

 In 1890 werd een stenen kapel tegen de lemen kapel gebouwd en in 1895 werd de stenen kapel vergroot en kreeg Tervant zijn eerste pastoor.

oude nieuwekerk

De oude kerk deed vanaf 1930 dienst als parochiezaal. In de verte ziet men de oprit van de brug over de oude vaart

 

De parochie Tervant.

Het is aan iedere gemeenschap gegeven om een vorm van zelfstandigheid te betrachten. Kenmerkend voor de gehuchten van Paal zijn hun driehoekige of veelhoekige pleinen die haast alle gebruikt werden om de schietpaal van de lokale gilde op te plaatsen. Is het waar dat we die driehoekige pleinen te danken hebben aan de Kelten? Zeg het mij….

De kerk werd ingezegend op 10/06/1930. Op de foto staat de kerk in de steigers, de bomen zijn groen, de schutterspaal is ontdaan van het bovenste gedeelte, dan is deze foto gemaakt op het einde van de maand mei. Op de gevel van de eerste stenen kapel was duidelijk de afdruk van een schouw van de eerste lemen kapel zichtbaar. De nieuwe kapel was aangesloten op het elektriciteitsnet. Mensen uit Tervant die gewerkt hadden aan de kerk , waren Jozef Liebaers, meestermetser en Alfons Volders. Samen met nog anderen hadden zij tekenles gevolgd bij kapelaan Dewit. In het plannen lezen en metselen was Jozef zeer bekwaam. Zelf heb ik de eer gehad om korte tijd bij hem te metselen. Later hoorde Jozef bij het kerkbestuur. Ook een bekwaam metser met de nodige kennis en kunde was Remy Reynders. Remy was enkele jaren jonger  dan Jozef. De derde was Alfons Scroyen, een metserdiender. Hij woonde op een steenworp van de kerk. Zijn jongere broer ,Jules, deed jaren later zijn eerste mis in de kerk van Tervant.

Ter gelegenheid van de kerkwijding in 1930 door de bisschop van Luik, Monseigneur Kerkhofs, had meester Pieters aan de zuidkant van de kapel, die we later de zaal noemden, een grot gemaakt van papier maché en besprenkeld met cement, een mooi versierde nis met het beeld van O.L. Vrouw, bloemen en kaarsen en een echte fontein. Dat had ik snel door. De jongens van de meester schepten het water uit het vijvertje aan de grot en droegen het naar het doksaal in een bassin vanwaar een verborgen leiding naar de fontein ging. ’t Was toch schoon. Er was veel volk. Zelfs Pietermenneke van de Buiting met zijne “ klaphoren” ( grammofoon) en zijn zeeratten ,was er ook bij. Ik was zes jaar oud maar herinner het mij nog goed.

Nu de kerk af was, beschikte Tervant over een vergaderzaal waarop ze in de omstreken jaloers mochten zijn. Het kleinste zaaltje, de eerste stenen kapel , werd een drukke vergaderplaats. De grote zaal was goed voor vergaderingen van de Boerenbond, toneel en werd ook gebruikt als stemlokaal. Ook het jaarlijks schoolfeest had er plaats. Na de kerkwijding in 1930 gingen pastoor Graus, meester Pieters en nog enkele mensen op bedevaart naar Lourdes voor dankzegging aan O.L. Vrouw . Werd daar het plan gesmeed om in Tervant een grot te bouwen?

T 1930 kerkwijding 2

De grot in papier maché gebouwd door meester Pieters in  1930

 

In 1933 was het zover. Naast de kerk op enkele meters noordwaarts zou ze komen te staan. Met paard en kar reden de boeren naar Kelbergen in Schaffen om een partij zandsteen op te halen die de mannen de dag voordien losgemaakt hadden. De zware blokken werden met vele handen op de karren geladen. De paarden moesten dan met hun vracht nog uit de groeve geraken en dat ging al beter bij de ene dan bij de andere. Louis Hermans van de hei had een pracht van een paard en sterk navenant. Louis had de gewoonte  om als het erop aan kwam er ene goeie op te leggen, maar hij kon niet uit de voeten. De pastoor zag het aankomen en zei: “ Louis ge moet U niet generen” en Louis lost daar een handvol van zijn schietgebeden, zijn paard vertrok met alle kracht dat het in zich had. Echt schoon om te zien hoe dat paard uit de groeve geraakte. Louis had met opzet  wat meer geladen om te laten  zien wat hij kon. Langs het Roth en Brelaer kwamen ze door Meelberg  en door Oelen naar de kerk van Tervant, waar ze de blokken zandsteen konden afladen. De metsers van Tervant, Jef Liebaers, Remy Reynders, onder leiding van meester Pieters en pastoor Graus gaan dat klaarspelen. Om te metselen en beton te maken is er water nodig. Louis Poels, onze naaste buur, zou zijn aalton met water ter beschikking stellen. Louis zette zijn kar met aalton op de kanaaldijk. Hij stond op de kar om emmers te gieten in de ton. Opeens beginnen er een paar met kletskes water naar elkaar te gooien en één iemand raakt de kop van het paard dat schrikt en achteruit springt. Het gebeurde allemaal zo rap, kar en paard gingen in het water. Louis springt nog tijdig van de kar, het paard viel achterover in het kanaal en verdronk. Nadien hebben ze de ton ,de kar en het dode paard uit het water gehaald. Wat is een boer zonder paard? Grote verslagenheid. Op 11 februari werd de nieuwe grot ingewijd.

tervantk69A

Deze oude hoeve was gelegen tegenover de verdwenen lemen kapel in Tervant. Ze werd bewoond door Frans Haegdorens en Maria Rosalie Toelen. Hun kinderen heetten Albert, Maria en Jules. Frans heeft nog met paard en kar, voor WOII, melk opgehaald voor de melkerij van Heusden. Op de foto is Frans aan het vensterluik aan ’t werken. Frans werd geboren in Koersel op 17/05/1887 en stierf in Tervant op 09/03/1939. Samen met zijn gezin woonde hij later in de Tervantstraat. De  boerderij werd afgebroken in het eerste jaar van de oorlog.

Tervant was gespaard gebleven van erge dingen gedurende langer dan 4 jaar oorlog. Het allerergste moest nog komen. Bij de bevrijding hadden de Engelsen in Beringen een brug gebouwd op de resten van de vorige brug die vernield was door de terugtrekkende Duitsers. De Duitsers wilden met alle middelen deze brug weg. Er volgde een aanval via de Kruisbaan, waarbij een tiental voertuigen van de Engelsen uitbrandde en vele soldaten sneuvelden. De Engelsen stonden bij ons thuis in de Tervantstraat opgesteld met luchtafweergeschut,4  mitrailleurs met lichtkogels en verplaatsbare zoeklichten. Iedere avond probeerde een vliegtuig de brug in Beringen te vernielen. De zoeklichten ontdekten het vliegtuig en de afweer kwam in actie. De laatste keer kwam het uit het noorden met het kanaal mee en de afweer beschoot het vliegtuig van alle kanten. Boven Tervant loste het zijn speciale bom voor de brug van Beringen. Het grote huis van Pieters ging volledig tegen de vlakte. De bom viel aan de straatzijde, vlak tegen de muur. Drie fietsers op straat waren op slag dood. In de kelder bij Pieters waren 2 mannen aanwezig. Ze hebben veel geluk gehad en met veel moeite en een bijl hebben ze zich onder het puin via een keldervenster kunnen vrijmaken. De kerktoren stond in brand. In het begin  was dat niet zoveel, het werd steeds maar erger. De toren en het hele dak gingen in vlammen op. De klok was gesmolten. De zaal was een ruïne. De bom viel op enkele meters afstand van de zaal. Dat alles was teveel voor de mensen uit Tervant. Dit laatste schrijf ik met tranen in de ogen. Het huis van Pieters werd direct na het bombardement opgeruimd en later terug opgebouwd met hetzelfde plan, zelfde architect, zelfde metser en zelfde schrijnwerker. Later werd de zaal afgebroken, de stenen weren gekuist, opgestapeld en afgedekt. Later kon het misschien nog dienen. En dat was ook zo. Pastoor Claesens kocht het huis met café naast de pastorij. De gelegenheid voor een nieuwe parochiezaal en ruimte voor de scouts. Maar nog een beetje geduld. Pastoor Claesen ging op rust in 1957 en woonde vanaf dan in Paal dorp. De nieuwe pastoor Thijs liet een nieuwe zaal bouwen door de gebroeders Carremans. Het timmerwerk werd gedaan door de gebroeders Theunis, ja ik was er ook bij. Later kwam er “ De Kring” en daarna werden de scoutslokalen gebouwd. Iedereen die een truweel kon  vasthouden, stond erbij om zijn steen te leggen. Ik kon er niet wegblijven. Het driehoekig plein is nu een mooi aangelegd park. Het mooiste plein van allemaal heeft Tervant waar mijn wieg heeft gestaan in 1926 .

Jef Theunis ( Jef  overleed op 12 november 2019)

Met dank aan heemkundige Kring KIOSK voor het ter beschikking stellen van de publicatie en de foto's (kiosk nr 69,  Kiosk Heemkunde Beringen-Paal)

Laatst aangepast op 11 februari 2026